Lessen tot leven brengen: Jelle Kooiman vertelt hoe…
In een wereld waar informatie altijd en overal beschikbaar is, verandert de rol van een docent. Want als studenten alles kunnen opzoeken, wat voeg je dan nog toe? Voor Jelle Kooiman, technisch trainer in de tweewielerbranche, ligt het antwoord niet in méér uitleg geven, maar juist in het beter, actiever en betekenisvoller leren. We spraken daarom voor de blog van vandaag over het belang van activerende werkvormen en waarom het zo belangrijk is om niet alleen trucjes te snappen, maar informatie écht eigen te maken.
Van kennis overdragen naar leren activeren
Jelle staat dagelijks voor een diverse groep MBO-studenten. Van leerlingen met taalachterstanden tot studenten die juist vooroplopen. Het niveau- en soms ook het leeftijdsverschil is groot, en precies daar ligt volgens hem de uitdaging.
Het klassieke beeld van de docent die voor de klas staat en vertelt, werkt volgens Jelle steeds minder. Studenten kijken liever een filmpje en doen dat vervolgens na. Toch missen ze daarmee vaak het inzicht achter de handeling. Het resultaat? Ze weten wel wát ze doen, maar niet waarom.
In plaats van uitleggen, kiest Jelle daarom bewust voor activerende werkvormen. Denk aan mini escape rooms, spelelementen en praktijkgerichte opdrachten die studenten dwingen om zelf op zoek te gaan naar antwoorden. In zo’n mini escape room bijvoorbeeld, moeten studenten puzzels oplossen, informatie opzoeken en kennis toepassen om een kluis te openen. Leren wordt ineens een competitief spel. Studenten worden actief, werken samen en misschien wel het belangrijkste: onthouden wat ze doen. Niet omdat het verteld is, maar omdat ze het zelf hebben ontdekt.
“Ze willen die kluis open krijgen, dus ze gaan vanzelf opzoek naar het juiste antwoord. Niet omdat het moet, maar omdat ze het willen.”
Niet alleen nadoen, maar ook begrijpen
Jelle ziet vaak dat studenten vervallen in wat hij “kijken en nadoen” noemt. Ze kijken een YouTube-filmpje en doen het na zonder echt te begrijpen wat er gebeurt. Het liefst in minder dan een minuut. Die “TikTokification” hebben we eerder al benoemt als een belangrijke factor in het leerbeeld van vandaag. Toch heeft Jelle een duidelijk idee over hoe we daar vanaf kunnen komen.
Vaak stuurt hij zijn studenten terug naar de bron van de benodigde informatie: de fabrikant. Wat is de officiële en juiste werkwijze? Waarom werkt dat zo? En wat betekent dat in de praktijk?
“Het is belangrijk dat monteurs zich aan de voorschriften van de fabrikanten houden. Op YouTube leer je vaak wel hoe je iets snel en makkelijk kunt repareren, maar je kunt je afvragen of dat wel een veilige en duurzame manier is. Studenten moeten snappen wáárom iets op een bepaalde manier wordt uitgevoerd. Dan gaat het leren namelijk vanzelf.”
De docent als mens, niet als systeem.
Ondanks alle technologie en innovatieve werkvormen blijft een ding volgens Jelle onveranderd belangrijk: de menselijke kant van het lesgeven.
Hij vertelt over een student die pas na de les één-op-één durfde te delen waar hij tegenaan liep. Dat moment van vertrouwen leidde tot een oplossing; zowel in de klas als op de werkvloer. Volgens Jelle is dat de echte kracht van een docent of trainer: niet alleen kennis overbrengen, maar ook zien wat iemand nodig heeft om te kunnen leren.
Nieuwe technologieën zoals VR en digitale leeromgevingen bieden enorme kansen. Ze kunnen leren interactiever maken en studenten beter voorbereiden op de praktijk. Maar, zoals vrijwel iedereen die we hierover bevroegen, ziet hij het zeker niet als vervanging van de mens.
“Je kunt heel veel met technologie, maar zonder docent missen de studenten iets. De begeleiding, het schakelen, het inspelen op de groep. Contact is tijdens het leren minstens net zo belangrijk als de inhoud.”
Bewustwording als eerste stap.
Jelle zet deze activerende lesvormen niet alleen in voor zijn studenten. Ook zijn collega’s kunnen workshops bij hem volgen om zelf van dichtbij mee te maken wat het effect is van actief leren. Op deze manier hoopt hij dat ook collega’s zicht bewust worden van wat er allemaal mogelijk is in een les en hoe je studenten kunt activeren, ook als de motivatie ontbreekt.
Zijn boodschap is duidelijk: het hoeft niet perfect te zijn, maar durft vooral te experimenteren. Probeer nieuwe werkvormen, stap uit de comfortzone en ontdek wat werkt. Dat kan per klas verschillen, maar juist dat vindt Jelle de kern van zijn hele verhaal: pas datgene wat je doet aan naar de mensen voor wie je het doet. Want uiteindelijk draait het niet om wat je als docent vertelt, maar om wat studenten meenemen.



