Een belangrijke driehoek die moet kloppen.
In de wereld van het technisch onderwijs draait alles om samenwerking. Studenten leren hun vak niet alleen uit boeken, maar juist in de praktijk: op de werkvloer. Daarvoor is een goed samenspel nodig in de driehoek van partijen die hierbij betrokken zijn: scholen, leerwerkbedrijven en onderwijs ondersteunende organisaties zoals Innovam.
In de praktijk blijkt die afstemming op elkaar soms nét niet helemaal haalbaar. En precies daar zit de uitdaging. Dat merkt ook technisch trainer Niels van Leeuwen. Hij ziet deze wisselwerking dagelijks terug in zijn lessen die hij voor de Tweewieler Academy van Innovam verzorgt. We spraken met hem over hoe hij omgaat met de verschillende wensen vanuit de branche en wat er nodig is om de drie partijen nóg beter op elkaar af te stemmen.
Eén klas, drie verwachtingen.
Wie denkt dat een klas studenten één duidelijke leerlijn volgt, komt bedrogen uit. Volgens Niels begint de variatie al bij de werkplaatsen waar studenten hun praktijkervaring opdoen.
Die verschillen lijken in de eerste instantie misschien klein, maar hebben een grote impact. Studenten bevinden zich namelijk precies in het midden van iedereen die iets van hen verwacht. De school stuurt op het behalen van het examen, het leerbedrijf op productiviteit en inzetbaarheid, en organisaties zoals Innovam proberen die twee werelden met elkaar te verbinden. Wanneer die verwachtingen niet op elkaar aansluiten ontstaat er ruis. Dat is volgens Niels geen ramp, maar wel iets waar trainers zoals hij dagelijks tussen moeten schakelen.
“Zelfs binnen één bedrijf kunnen verwachtingen al verschillen. De ene leermeester vind het belangrijk dat een student zijn diploma haalt, terwijl de ander vooral wil dat iemand direct mee kan draaien in de werkplaats. Het een zou het ander moeten ondersteunen, maar bedrijven verschillen soms zo erg van elkaar dat het niet altijd evengoed aansluit. Dat is wanneer ik extra scherp moet blijven.”
De praktijk heeft soms ook wat ondersteuning nodig
In de theorielessen volgt Niels een vast programma. De praktijk laat zich echter minder makkelijk plannen. Als voorbeeld geeft Niels een student die werkt bij een bedrijf waar nauwelijks ruimte is om de juiste praktijkervaring op te doen. Een van zijn studenten is volledig afhankelijk van de fietstechniek die bij Innovam gegeven wordt, omdat hij dit in de werkplaats eigenlijk niet tegenkomt.
Een ander voorbeeld laat zien hoe seizoenswerk roet in het eten kan gooien. Waar de opleiding rekening houdt met rustige en drukke periodes in de branche, werkt dat niet voor iedere werkplaats hetzelfde.
Juist in dit soort situaties kan een uitbreiding naar XR-trainingen uitkomst bieden. Door middel van virtuele praktijkomgevingen kunnen studenten tóch oefenen met specifieke handelingen en technieken, ongeacht wat er op dat moment beschikbaar is in hun leerwerkbedrijf. Zo ontstaat er meer flexibiliteit in het leerproces en kunnen ontbrekende praktijkervaringen deels worden opgevangen.
Iedereen wil personeel, maar…
Voor Niels betekent dit dat hij voortdurend moet schakelen. Niet alleen tussen studenten, maar ook tussen verwachtingen.
Soms moet hij gaten opvullen omdat praktijkervaring ontbreekt. Ook moet hij soms theorie herhalen, of waar nodig contact opnemen met leermeesters en docenten. Toch zit er een bredere uitdaging achter dit alles. Werkplaatsen zoeken namelijk vaak naar direct inzetbare krachten, terwijl studenten juist nog moeten leren. Dat spanningsveld is begrijpelijk, maar maakt de kloof soms nog groter.
Een veelbelovend initiatief dat hierop inspeelt, is de Cycle Hub. Dit concept biedt studenten de mogelijkheid om eerst praktijkervaring op te doen in een gecontroleerde leeromgeving, voordat ze instromen naar een leerwerkbedrijf.
Het grote voordeel? Werkplaatsen krijgen geen “onbeschreven blad”, maar een student met basisvaardigheden én ervaring. Tevens stappen studenten met meer zelfvertrouwen de praktijk in, en daar wordt iedereen beter van.
Hoewel de Cycle HUB nog in ontwikkeling is, ziet Niels het als een belangrijke stap vooruit.
“In een ideaal scenario kunnen studenten de theorie die wij aanbieden direct in de praktijk toepassen. Met de Cycle HUB is die aansluiting een stuk makkelijker te bereiken. Het fijne eraan is dat studenten tegelijkertijd écht ervaring opdoen.”
Samen bouwen aan de toekomst
De samenwerking tussen school, werkplaats en opleider zal nooit perfect. Daarvoor zijn de belangen en situaties te verschillend. Maar juist in die verschillend ligt ook een enorme kracht, mits deze goed ingezet wordt. Trainers zoals Niels spelen daarbij een cruciale rol. Zij staan midden in de praktijk, zien waar het schuurt en waar het werkt, en bouwen elke dag aan die verbinding.
Tegelijkertijd bieden nieuwe technologische ontwikkelingen interessant kansen om die samenwerking verder te versterken. Door praktijkervaring deels te simuleren, kunnen studenten op een laagdrempelige en flexibele manier vaardigheden ontwikkelen, ook wanneer die in de echte werkplaats (nog) niet voorhanden zijn. Daarmee vormt XR geen vervanging van de praktijk, maar juist een krachtige aanvulling die helpt om de kloof tussen leren en werken verder te verkleinen.



